OP DIT MOMENT ACCEPTEREN WIJ UITSLUITEND ZAKEN OP BASIS VAN UURTARIEF

Telt uw vermogen mee bij het berekenen van alimentatie?

Bij het vaststellen van alimentatie wordt in de eerste plaats gekeken naar inkomen en lasten. Maar hoe zit het met vermogen? Speelt dat ook een rol? Het antwoord is: ja, vermogen kan zeker van invloed zijn op de hoogte van alimentatie.

Wat valt er onder inkomen uit vermogen?

Vermogen dat rendeert, levert inkomen op. Denk bijvoorbeeld aan rente op spaargeld, dividend uit beleggingen of huurinkomsten uit vastgoed. Deze inkomsten worden, net als salaris, meegenomen bij het bepalen van de draagkracht.

Bij huurinkomsten is dat vrij overzichtelijk: het gaat om de huuropbrengst minus de kosten. Bij rente ligt dat anders. In de alimentatiepraktijk wordt vaak uitgegaan van een fictief rendement van 4%, vergelijkbaar met het systeem in box 3. In de huidige lage rentestand kan dat onrealistisch zijn. Wie een lager rendement wil laten meewegen, moet dit goed onderbouwen met concrete stukken. Gebeurt dat niet, dan wordt doorgaans alsnog met 4% gerekend.

Tellen erfenissen en schenkingen mee?

Ook vermogen dat buiten de verdeling bij een echtscheiding blijft, kan tóch meetellen bij alimentatie. Denk aan een erfenis of schenking die u heeft ontvangen onder uitsluitingsclausule, of tijdens een huwelijk met koude uitsluiting of (beperkte) gemeenschap van goederen na 1 januari 2018.

Hoewel dit vermogen niet gedeeld hoeft te worden met uw ex-partner, kan het rendement daarop wel als inkomen worden gezien. Daarmee kan de rechter rekening houden bij het vaststellen van alimentatie. Overigens is de rechtspraak op dit punt niet volledig eenduidig; in sommige gevallen wordt dit vermogen buiten beschouwing gelaten.

Wanneer moet u interen op uw vermogen?

In uitzonderlijke situaties kan het zo zijn dat niet alleen het rendement, maar ook het vermogen zelf wordt meegenomen. Met andere woorden: er kan van u worden verwacht dat u inteert op uw vermogen.

Dat kan betekenen dat u spaargeld moet aanspreken, beleggingen moet verkopen of zelfs vastgoed moet verzilveren. Dit geldt zowel voor de alimentatiebetaler als voor de alimentatieontvanger. Ook iemand die alimentatie ontvangt, kan worden geacht eigen vermogen te gebruiken voor levensonderhoud.

Of dit daadwerkelijk aan de orde is, hangt sterk af van de omstandigheden van het geval, zoals:

  • de omvang van het vermogen;
  • de inkomenspositie van beide partijen;
  • de verhouding tussen beide vermogens;
  • leeftijd en toekomstvoorzieningen (zoals pensioen);
  • het soort alimentatie (kinder- of partneralimentatie).

Praktijkvoorbeeld:

Een illustratief voorbeeld komt uit een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 januari 2023.

In deze zaak was er een groot tekort in de gezamenlijke draagkracht van de ouders om in de behoefte van de kinderen te voorzien. Beide ouders zouden echter nog een bedrag ontvangen uit de verkoop van de woning. Het hof oordeelde dat het onredelijk zou zijn als alleen de moeder haar vermogen moest aanspreken, terwijl de vader dat niet hoefde.

Daarom werd bepaald dat beide ouders het tekort uit hun vermogen moesten aanvullen. In deze situatie werd dus daadwerkelijk verwacht dat beide partijen inteerden op hun vermogen om in de kosten van de kinderen te voorzien.

Kinderalimentatie en de Tremanormen

Bij kinderalimentatie wordt gewerkt volgens de zogenoemde Tremanormen. Daarbij staan twee begrippen centraal: de behoefte van het kind en de draagkracht van de ouders.

Niet alleen inkomen uit arbeid, maar ook inkomen uit vermogen telt mee bij het bepalen van die draagkracht. In uitzonderlijke gevallen kan dus ook het vermogen zelf een rol spelen.

En hoe zit het met partneralimentatie?

Bij partneralimentatie geldt hetzelfde uitgangspunt: alle inkomsten tellen mee, dus ook inkomsten uit vermogen. De vraag of een alimentatiegerechtigde moet interen op vermogen is lastiger te beantwoorden. Dit hangt af van alle omstandigheden van het geval.

Een erfenis of schenking kan dus invloed hebben op de hoogte – of zelfs het voortbestaan – van partneralimentatie, maar leidt niet automatisch tot beëindiging daarvan.

Conclusie

Vermogen speelt bij alimentatie een belangrijke rol. In de basis geldt dat het rendement op vermogen wordt gezien als inkomen. In uitzonderlijke situaties kan zelfs van u worden verwacht dat u uw vermogen aanspreekt.

De Brouwer Advocaten Rotterdam

Heeft u na het lezen van deze blog vragen over alimentatie? Onze familierechtadvocaten staan u graag bij! U kunt onze advocaten in Rotterdam bereiken door te bellen naar 010 423 0019 of door te mailen naar info@debrouweradvocaten.nl. Daarnaast kunt u het contactformulier op onze website invullen. Wij nemen dan zo spoedig mogelijk contact met u op.