Gespecialiseerd in het (internationaal) personen- en familierecht

Huwelijkse voorwaarden en trouw: wat mag u wel en niet vastleggen?

Een huwelijk is gebouwd op vertrouwen, liefde en loyaliteit. Toch kiezen veel stellen er bewust voor om ook juridische afspraken vast te leggen in de vorm van huwelijkse voorwaarden. Hierin kunnen bijvoorbeeld zaken als vermogen, schulden en afspraken bij scheiding worden geregeld. Maar hoe zit het als u daarin ook bepalingen over trouw en overspel wilt opnemen? Mag u afspreken dat ontrouw leidt tot een boete of verlies van rechten? In dit artikel leest u wat wél en niet mogelijk is binnen de Nederlandse wet.

Waarom u afspraken over ontrouw zou willen vastleggen

Voor veel mensen is trouw een fundamentele waarde binnen het huwelijk. De emotionele schade van overspel kan groot zijn. Het is dan ook logisch dat sommige stellen dit onderwerp willen vastleggen in juridische documenten. U kunt dan denken aan afspraken over het recht op partneralimentatie, of het vaststellen van een boete.

Hoewel deze wensen menselijk en begrijpelijk zijn, is het juridische antwoord complex en genuanceerd.

Wat mag u vastleggen in huwelijkse voorwaarden?

In Nederland bestaat een grote mate van contractsvrijheid. Dit betekent dat u en uw partner in principe zelf mogen bepalen welke afspraken u maakt, zolang deze niet in strijd zijn met de wet, de openbare orde of de goede zeden.

Bij de notaris kunt u huwelijkse voorwaarden laten opstellen en laten inschrijven in het huwelijksgoederenregister. Hierin kunt u onder meer regelen hoe het vermogen wordt verdeeld, wat er gebeurt bij scheiding of overlijden, en wie aansprakelijk is voor bepaalde schulden.

Het wordt ingewikkelder als u gedragsclausules wilt opnemen, zoals afspraken over huwelijkstrouw of overspel.

Gedragsafspraken: moreel begrijpelijk, juridisch onzeker

Hoewel u in theorie clausules over overspel kunt opnemen, is de afdwingbaarheid ervan twijfelachtig. Nederlandse rechters zijn doorgaans terughoudend bij het beoordelen van persoonlijk gedrag binnen een huwelijk.

Dit blijkt onder meer uit een uitspraak van de rechtbank Arnhem uit 2009, die in 2011 werd bekrachtigd door het gerechtshof Arnhem. In deze zaak vond een man dat zijn ex-echtgenote onrechtmatig had gehandeld toen bleek dat hij niet de biologische vader was van een tijdens het huwelijk geboren kind. De rechter stelde vast dat de wederzijdse getrouwheid tussen echtgenoten (art. 1:81 BW), gaat om een ideële verplichting die niet in rechte afdwingbaar is. De rechtbank overwoog daarbij dat aan het niet nakomen hiervan geen vordering tot schadevergoeding kan worden verbonden. De reden hiervoor is de verplichting dan via een omweg alsnog afdwingbaar zou worden. Ook werd geconcludeerd dat overspel geen onrechtmatige daad vormt in de zin van artikel 6:162 BW. Met wie iemand al dan niet seksuele gemeenschap heeft is volgens de rechtbank uiteindelijk een hoogstpersoonlijke keuze. Hieraan kan de andere echtgenoot geen rechtens afdwingbare aanspraken kan ontlenen.

Hoewel de norm van huwelijkstrouw maatschappelijk breed gedragen wordt, betekent dat nog niet dat schending ervan leidt tot een juridisch afdwingbare verplichting of schadevergoeding.

Boete bij overspel

Stel, u neemt in uw huwelijkse voorwaarden op: “Indien een van de echtgenoten overspel pleegt, verbeurt hij of zij aan de andere echtgenoot een boete van €50.000,-.” Gelet op het voorgaande loopt u dan het risico dat deze bepaling door de rechter buiten toepassing wordt gelaten of naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid wordt getoetst, omdat zij raakt aan de persoonlijke levenssfeer en aan een norm die de wet uitdrukkelijk als niet-afdwingbaar beschouwt. Ook bepalingen waarin staat dat bij overspel geen alimentatie verschuldigd is, zijn kwetsbaar voor toetsing. Partneralimentatie is wettelijk bedoeld om de economisch zwakkere partner te beschermen en kan niet zonder meer op voorhand worden uitgesloten vanwege een moreel oordeel over gedrag.

Wat is er dan wél mogelijk?

Bepaalde gedragsclausules kunnen wel enig effect hebben, mits ze evenwichtig en redelijk zijn geformuleerd en niet in strijd komen met dwingend recht. Een voorzichtiger geformuleerde clausule, zoals: “Bij ernstige verstoring van de vertrouwensrelatie, waaronder structureel overspel, zullen partijen in overleg treden over de herverdeling van het vermogen”, heeft mogelijk meer kans van slagen. Desondanks is de afdwingbaarheid nog steeds niet gegarandeerd. Een alternatief is het vastleggen van uw verwachtingen in een symbolisch document of een morele overeenkomst, die juridisch niet bindend is. Dit kan wel houvast bieden tijdens de relatie.

Financiële gevolgen van overspel

In principe heeft overspel op zichzelf geen directe financiële gevolgen bij een echtscheiding. Vreemdgaan wordt in het Nederlandse familierecht niet snel als “wangedrag” beschouwd dat op zichzelf al invloed heeft op alimentatie. Uit de rechtspraak blijkt echter dat de rechter bij het vaststellen van partneralimentatie wél rekening kan houden met bijzonder grievende gedragingen van de onderhoudsgerechtigde. Dit afzonderlijke maatstaf naast de wettelijke regeling.

Zo oordeelde het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch in 2010 dat een vrouw geen recht had op partneralimentatie. Er was vast komen te staan dat zij tijdens het huwelijk seksueel contact had gehad met andere mannen en de kinderen die tijdens het huwelijk waren geboren niet van de man waren. Zij had hem geruime tijd wel in de waan had gelaten dat hij de biologische vader was. Het hof achtte deze gedragingen dermate frustrerend en grievend dat redelijkerwijs niet van de man kon worden verwacht dat hij nog een bijdrage in haar levensonderhoud zou leveren. Voor de kinderalimentatie lag dat overigens anders. Die vordering werd afgewezen omdat de man, na een geslaagde gerechtelijke ontkenning van het door het huwelijk ontstane vaderschap, niet meer tot de wettelijke kring van onderhoudsplichtigen behoorde.

Kinderalimentatie en vaderschap

Overspel kan ook gevolgen hebben voor kinderalimentatie, maar niet automatisch op basis van een DNA-test alleen. Het uitsluitsel van een DNA-test dat een man niet de biologische vader is, beëindigt op zichzelf niet zijn juridische vaderschap en dus ook niet zijn onderhoudsplicht. Hiervoor is een gerechtelijke procedure tot ontkenning van het door het huwelijk ontstane vaderschap nodig. Wordt die ontkenning door de rechter gegrond verklaard, dan wordt het vaderschap geacht nimmer gevolg te hebben gehad. Dit heeft als gevolg dat de onderhoudsplicht wegvalt. Die onderhoudsplicht komt dan te rusten op de personen die wél tot de wettelijke kring van onderhoudsplichtigen horen. Hieronder valt de biologische vader, ook als deze het kind niet heeft erkend. Van reeds betaalde kosten van verzorging en opvoeding kan overigens geen terugbetaling worden gevorderd.

De Brouwer Advocaten

Heeft u na het lezen van deze blog vragen over huwelijkse voorwaarden? Onze familierechtadvocaten staan u graag bij! U kunt onze advocaten in Rotterdam bereiken door te bellen naar 010 423 00 19 of door te mailen naar info@debrouweradvocaten.nl. Daarnaast kunt u het contactformulier op onze website invullen. Wij nemen dan zo spoedig mogelijk contact met u op.