OP DIT MOMENT ACCEPTEREN WIJ UITSLUITEND ZAKEN OP BASIS VAN UURTARIEF

Ontslag op staande voet – Geen directe actie, te lang gewacht

In de complexe wereld van arbeidsrecht en personeelsbeheer vormt ontslag op staande voet een bijzonder delicate kwestie. Werkgevers staan voor de uitdaging om in situaties van ernstig wangedrag snel en doeltreffend te handelen, terwijl werknemers recht hebben op een eerlijke procedure en adequate bescherming van hun arbeidsrechten. In deze blog duiken we dieper in het onderwerp van “Ontslag op staande voet – Geen directe actie, te lang gewacht,” waarbij we juridische uitspraken en inzichten verkennen om te begrijpen hoe een werkgever op een rechtmatige en effectieve manier kan handelen bij ontslag op staande voet. We zullen onderzoeken waarom onmiddellijkheid van cruciaal belang is, de implicaties van te lang wachten bespreken, en adviseren over de stappen die werkgevers moeten nemen om zich aan de geldende wetten te houden terwijl ze de belangen van alle betrokken partijen beschermen. Het doel is om werkgevers en werknemers te voorzien van waardevolle inzichten en richtlijnen om beter te begrijpen hoe deze ingewikkelde kwestie in de praktijk moet worden aangepakt.

Onmiddellijkheid

Een medewerkster van een zorginstelling werd op staande voet ontslagen vanwege het hard slaan van een bewoonster in het gezicht. Op 3 maart 2020 oordeelde de rechtbank Oost-Brabant dat dit in strijd was met de wet vanwege het ontbreken van een ‘onmiddellijke’ mededeling door de werkgever.

Volgens de wet moet ontslag op staande voet direct worden gegeven. Wat de rechtbank bedoelde, is dat de werknemer zo snel mogelijk op de hoogte moet worden gebracht van de gevolgen voor zijn of haar arbeidsovereenkomst. Er is veel jurisprudentie over dit onderwerp, en recentelijk is er een nieuwe uitspraak aan toegevoegd.

Wat er is gebeurd

Op 16 november 2019 sloeg de betrokken werknemer een bewoonster hard in het gezicht omdat de bewoonster weigerde een pop af te geven. Op 18 november 2019 werd dit incident gemeld aan de teammanager van de werknemer. Op 19 november 2019 vond er een gesprek plaats met de werknemer, waarna deze op non-actief werd gesteld. Pas op 28 november 2019, tien dagen nadat de teammanager op de hoogte was gebracht van het incident, werd de werknemer op staande voet ontslagen.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank Oost-Brabant vond de gang van zaken ongeldig en overwoog het volgende:

“Zelfs voorafgaand aan de non-actiefstelling had BrabantZorg al gesprekken met collega’s van [verzoekster] die informatie konden verschaffen over het incident en het algemene gedrag van [verzoekster]. BrabantZorg besloot bovendien om nogmaals met de betrokkenen te praten en zelf verklaringen op te stellen, die vervolgens enkele dagen onaangeroerd bleven liggen. Er werd gesproken over overleg met de Raad van Bestuur, maar het is niet duidelijk wat dit overleg precies inhield. Er wordt vermoed dat dit overleg telefonisch plaatsvond met het verantwoordelijke lid van de Raad van Bestuur. Er is niet aangetoond of gesteld dat dit niet sneller had kunnen gebeuren. Gezien de gevoeligheid van de kwestie, zoals BrabantZorg zelf ook aangeeft, had men een snellere reactie mogen verwachten.

De conclusie is dat het ontslag op staande voet aan [verzoekster] niet onmiddellijk is gegeven. Hiermee wordt niet voldaan aan de wettelijke eis voor ontslag op staande voet. Het ontslag op staande voet is dus ongeldig. De vraag of er een dringende reden was voor ontslag op staande voet hoeft dan ook niet meer te worden besproken.”

“Er is niet aangetoond of gesteld dat dit niet sneller had kunnen gebeuren”

De rechtbank benadrukte dat een werkgever snel moet handelen. Als er extra onderzoek, overleg of juridisch advies nodig is, mag de werkgever dit doen voordat een definitieve beslissing wordt genomen. Echter, de extra tijd die de werkgever nodig heeft voor deze stappen is niet onbeperkt en moet beperkt blijven tot wat nodig is voor het uitvoeren van het extra onderzoek of overleg.

De rechtbank Oost-Brabant stelde in lijn daarmee dat het aan de werkgever was om aan te tonen dat de extra tijd werkelijk nodig was en dat er niet sneller gehandeld kon worden. Als de werkgever niet voldoende kan aantonen dat deze extra tijd gerechtvaardigd was, heeft de werkgever niet voldaan aan de wettelijke vereisten en kan het ontslag niet standhouden.

 

De Brouwer Advocaten

Confronteert u zich met een situatie van ontslag op staande voet? Bent u ten onrechte op non-actief gesteld? Het is raadzaam om juridisch advies in te winnen. Onze gespecialiseerde arbeidsrechtadvocaten staan klaar om u te begeleiden. Aarzel niet om direct contact met ons advocatenkantoor in Rotterdam op te nemen. U kunt ons bereiken via telefoonnummer 010 423 00 19 of per e-mail naar info@debrouweradvocaten.nl. Ook kunt u het contactformulier op onze website invullen. We zullen zo spoedig mogelijk contact met u opnemen