Wanneer jongeren onder de 18 jaar de fout ingaan en een strafbaar feit plegen zijn de regels en straffen anders dan wanneer volwassenen dit doen. Het jeugdstrafrecht treedt dan in werking. Het jeugdstrafrecht heeft aangepaste straffen en is (nog) meer gericht op re-integratie en scholing dan het volwassenen strafrecht.
Voor wie geldt het?
Het jeugdstrafrecht geldt voor minderjarigen tussen de 12 en 18 jaar. Minderjarige onder de 12 jaar kunnen niet strafrechtelijk worden vervolgd. Vanaf 18 jaar en ouder geldt in principe het volwassenenstrafrecht. Wanneer het jeugdstrafrecht wordt toegepast gelden er dus andere regels, en ook andere straffen.
De rechter kan bovendien besluiten om verdachten tot 23 jaar te berechten met het jeugdstrafrecht. Dit doet hij om zoveel mogelijk aan te sluiten bij het ontwikkelingsniveau. Vanaf 23 jaar geldt echter altijd het volwassenenstrafrecht.
De rechter kan ook het tegenovergestelde doen, door jongeren van 16 of 17 jaar te straffen via het volwassenenstrafrecht. Dit kan wanneer het gepleegde feit dusdanig heftig is dat het jeugdstrafrecht niet volstaat. Jongeren onder de 16 jaar worden altijd gestraft volgens het jeugdstrafrecht.
De straffen
Er gelden in het jeugdstrafrecht 3 hoofdstraffen: de geldboete, taakstraf en jeugddetentie. Er zijn ook bijkomende straffen en maatregelen die de rechter kan opleggen. De mogelijkheid tot voorwaardelijk straffen bestaat hier, net zoals bij het volwassenenstrafrecht, ook.
De geldboete kan altijd worden opgelegd, dus in combinatie met een andere hoofdstraf. De boete kan variëren van €3 tot €3.350.
Naast een boete kan er ook een taakstraf worden opgelegd. De taakstraf in het jeugdstrafrecht is vaak een combinatie van een werk- en leerstraf. Het maximale aantal uren dat een jeugdige deze straf opgelegd kan krijgen is 200 uur per soort straf. Wanneer de rechter een combinatie van een werk- en leerstraf oplegt, dan mag de duur niet langer zijn dan 240 uur.
De laatste hoofdstraf die opgelegd kan worden door de rechtbank bij het jeugdstrafrecht is de jeugddetentie. Naast de jeugddetentie kunnen tevens ook de andere twee hoofdstraffen worden opgelegd. Voor jongeren tot 16 jaar geldt dat zij een maximale celstraf van 12 maanden kunnen krijgen. Boven deze leeftijd is het maximum 24 maanden. Tijdens de jeugddetentie krijgen de jongeren ook les of therapie.
De jeugdstrafrechter heeft ook een tweetal bijkomende straffen die hij kan opleggen. Hij kan, gekoppeld aan een hoofdstraf of afzonderlijk, een verbeurdverklaring en een ontzegging van de rijbevoegdheid opleggen. Een verbeurdverklaring houdt in dat goederen die zijn verkregen via een strafbaar feit, in beslag worden genomen. Het maakt niet uit of deze goederen legaal of illegaal van aard zijn.
De maatregelen
Naast een straf kan ook een matregel worden opgelegd. Het jeugdstrafrecht biedt hiervoor verschillende mogelijkheden.
Allereerst is er de plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (PIJ), in de volksmond ook wel jeugd TBS. Deze maatregel kan opgelegd worden wanneer de jongere kampt met een ontwikkelingsachterstand of een geestelijke stoornis. De jongere wordt hier intensief behandeld en begeleid in een justitiële jeugdinrichting. Hiermee wordt het recidive gevaar verkleind. Deze maatregel duurt minimaal 3 en maximaal 7 jaar. In het laatste jaar mag de jongere onder strikte voorwaarde en onder begeleiding de inrichting verlaten.
Een tweede maatregel is de gedragsbeïnvloedende maatregel (GBM). Deze maatregel kan worden opgelegd wanneer de PIJ-maatregel te zwaar wordt geacht. Een GBM verplicht de jongere in het volgen van trainingen en cursussen of behandelingen die erop gericht zijn om bepaalde gedragingen te doen afnemen. Verslavingen en ongewenst gedrag worden via deze maatregel aangepakt. Deze maatregel duurt minimaal 6 tot maximaal 12 maanden en kan eenmalig verlengd worden.
De rechter kan ook een schadevergoeding toewijzen wanneer het slachtoffer hiertoe een verzoek heeft gedaan. De jongere moet, in het geval van het toewijzen van een schadevergoeding, wel ouder zijn dan 14 jaar. Bij 12- en 13 jarige wordt de schade verhaald op de ouders.
De jeugdrechter kan illegale voorwerpen die bij de jongere na een onderzoek worden aangetroffen, in beslag nemen. Deze maatregel kan altijd worden opgelegd en zorgt ervoor dat gevaarlijke voorwerpen zoals messen en wapens uit de samenleving worden genomen.
Een andere maatregel die altijd opgelegd kan worden, dus ook bij vrijspraak, is de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Met deze maatregel wordt ervoor gezorgd dat een verdachte geen profijt heeft van de misdaad of handeling. Als er wordt vermoed dat er voordeel, direct of indirect, is verkregen uit criminele activiteit dan kan de rechter deze maatregel opleggen.
De rechter kan ook een vrijheidsbeperkende maatregel opleggen. Er kan gedacht worden aan een straat- of contactverbod. Dit kan de rechter doen om de kans op recidive bij de jongere te beperken.
Wanneer een straf of maatregel niet naar behoren wordt uitgevoerd, dan kan de jeugdrechter vervangende jeugddetentie of hechtenis opleggen. Dit betekent dat een jongere een alsnog een vrijheidsontnemende straf wordt opgelegd. De duur hiervan wordt door de rechter bepaalt, waarbij de rechter alle omstandigheden van het geval zal meewegen. Denk hierbij aan het gedrag van de jongeren en of er al een begin is gemaakt aan een andere straf.
Het verschil
Vooral bij de hoofdstraffen is duidelijk te zien dat er een verschil is tussen het jeugdstrafrecht en het volwassenenstrafrecht. Zo is de maximale duur van de jeugddetentie vele male korter dan de duur van de gevangenisstraf of hechtenis zoals we deze kennen uit het volwassenenstrafrecht, die is namelijk 30 jaar of levenslang.
Ook de taakstraf is voor jongere minder lang, 240 uur in vergelijking met 480 uur voor volwassenen. Ook de geldboete verschilt. Het maximale bedrag wat de rechter als boete kan opleggen in het volwassenenstrafrecht is namelijk €780.000, in tegenstelling tot de €3.350 bij jongere
De Brouwer Advocaten
Ben u of uw kind verdachte in een strafzaak? De strafrechtadvocaten van De Brouwer Advocaten staan voor u klaar. U kunt ons advocatenkantoor Rotterdam bereiken door te bellen naar 010 423 00 19 of door te mailen naar info@debrouweradvocaten.nl. Daarnaast kunt u het contactformulier op onze website invullen. Wij nemen dan zo spoedig mogelijk contact met u op.
